woensdag 6 september 2017, 20:44:59 uur

N iets is wat het lijkt, is een bekende leus uit de reclamewereld en die gaat dan ook altijd op. De reclamemakers stellen het altijd mooier voor dan het is en de koper of klant komt daardoor altijd een beetje, of meer, bedrogen uit. Dat is jammer. Daardoor gaat veel vertrouwen van het koperspubliek in de productieverkopers verloren. Juist in een tijd dat we wat terugwinning van het algemeen verloren gegane vertrouwen wel eens hard nodig zouden kunnen hebben. De kopers-staking levert daarvan nog ieder uur van de dag het hardste bewijs.

Om de scherpe kantjes van de altijd misleidende en teleurstellende reclame een beetje af te vijlen, hebben enkele reclamemakers precies vijftig jaar geleden de Stichting Ideeele Reclame SIRE, opgericht. Een paar weken geleden was er een Nieuwsuur-televisie-uitzending over. Dat was een uitzending van hoog "geite wolle sokke" gehalte. De mannen van de SIRE bedoelen het allemaal heel goed, maar het slaat niet aan. Hun reclame heeft de bedoeling, op dure billboards overal in den lande en ook in de media verspreid, de bevolking op een algemeen iets hoger peil te brengen. Iets te doen aan de verbetering van de moraal. Zo dat al mogelijk is. De mensen voorzichtig mee te voeren naar weer een klein beetje hoger plan van beschaving.

Dat lukt in al die vijftig jaar niet zo erg. Niemand weet wat er op de billboards heeft gestaan, die hij op zijn wegen en paden is gepasseerd. Het is dus weggegooid geld en moeite. De SIRE trachtte met sommige uitdagende leuzen en kreten meer belangstelling voor zichzelf en het moraalverbeterend karakter van de bedoelingen uit te dragen en over te brengen. De SIRE kan er beter maar mee ophouden. De formule heeft niet gewerkt en is niet aangeslagen. De laatste leus en presentatie van de SIRE, vorige maand, van de jongetjes die meer jongetjes moeten zijn, heeft niet alleen de lachlust, het geringschattende van het publiek opgeleverd, maar ook veel irritatie. Zie foto hiernaast.

"Waar bemoeien ze zich mee. Zijn ze soms pedofiel?" waren de meest gehoorde reacties. Dat strekte de SIRE niet bepaald tot eer. Ook de presentatie en discussie bij Nieuwsuur was uitermate houterig en stuntelig. Men ziet de leuzen en foto's op de billboards, men kijkt ernaar en het dringt niet door. Ligt het aan de fotografen en ontwerpers? Aan de leuzen zelf? Er is geen enkele interesse. De mens wil alleen maar wakker geschud worden uit zijn verzonken voor zich uit staren, door keihard-brutale lokkers en verleiders. Zover heeft de verruwing van de onderlinge verhoudingen in maatschappij en sociale samenleving ons al gebracht. Niets lijkt die ontwikkeling testuiten, en de SIRE doet dat zeker niet. Het zijn allemaal mannetjes Prikkebeen, die met een vangnetje achter kapellekens (vlinders) gaan. Een laatste restant van de overdaads-maatschappij.

Een ander stukje codetaal in de menslievende communicatie, in het jargon, de speciale gewoonten en gebruiken, de mores en het uitzonderlijke gedrag, van de mensen van de staat in de staat, de militaire maatschappij, werd gevonden in de dagelijkse groet, die overal en altijd in de beslotenheid van in en om de kazerne werd gebruikt, van een bepaalde compagnie. In de betekenis van: "hoe gaat het ermee?" en "gaat het goed?" bezigden de militairen binnen en buiten het vrolijk codewoord "Olliejenolliejenolliejenok?" De vraag moest altijd beantwoord worden met "Olliejenolliejenolliejenok." ("Het gaat goed"). Uitgevonden door Pietje Vogels uit Eindhoven, van het latere electronica-concern. Zo waren er nog wel meer hoogst eigenaardige gewoonten en gebruiken in de 107 V 1LK. Die tot de grootste blijdschap in het dagelijks leven van de militaire dienst stemden.

We zullen later eens een keer uitleggen, wat de precieze betekenis van de leus is. In klare taal. We moeten de mensen niet meteen al te erg laten schrikken en voor voldongen feiten stellen. Dat is reclame-technisch niet verantwoord. De SIRE doet dat ook al niet.

Enkele vragen en antwoorden vanwege de actualiteit.

1. Wat deed de Nederlandse Nato-eenheid 107 V van het Eerste Legerkorps
in de parate tijd voordat het opgeheven werd in 1966?

Antwoord: de 107 V hield zich bezig in oefeningen aan het front
met exacte route-instructies aan de piloten van de F16's
en de plaats waar de bommen gedropt moesten worden.
Daarvoor was er continu radiocontact
van de piloten met de 107 V-ACT'ers
(Air Control Team) op de grond (front)
en het Tactical Operation Center in Den Haag.

2. Was er uitwisseling van informatie en coördinatie met
verkeersleidings-centra van de burgerluchtvaart,
bijvoorbeeld Schiphol en Eurocontrol?

Antwoord: neen, die was er niet.
"De een" (militair piloot) wist van "de ander" (piloot burgerluchtvaart) niet,
waar, wanneer en waarheen, die vloog.

3. Is dat nog zo?
Antwoord: dat is nog zo.




Jules Zollner.






Previous Home Next


___________________________________________________________________
Klik op de ikoontjes hierboven of op de bovenkop of de foto, voor de site-voorpag.
-- Twitter: --- Facebook:
Reacties: Mail: blog@juzonieuws.nl